Starters en Jongejan & PartnersTante Agaathlening
Om het verstrekken van leningen aan startende ondernemers te stimuleren, is hiervoor een fiscale faciliteit in het leven geroepen.
De faciliteit is als volgt opgebouwd
• een vrijstelling in box 3 van maximaal € 55.145 (2009), € 54.223 (2008), € 53.421 (2007) per belastingplichtige, € 110.290 (2009), € 108.446 (2008), € 106.842 (2007).
• deze vrijstelling kan cumuleren met die voor groenbeleggen/sociaal-ethisch beleggen;
• extra heffingskorting 1,3% over het hierin belegde, vrijgestelde vermogen (gemiddelde 1/1 en 31/12).
• het maximumbedrag dat bij een verlies op een directe lening in mindering gebracht mag worden op het inkomen bedraagt € 46.984 per belastingplichtige per lening.
• leningen van durfkapitaal mogen zowel aan natuurlijke personen/beginnend ondernemers worden verstrekt als aan BV's die beginnend ondernemer zijn.
• de partner van de startende ondernemer kan geen gebruik maken van deze regeling.
Als startend ondernemer wordt aangemerkt hij of zij die naar verwachting met betrekking tot dat jaar of het daaropvolgende jaar in aanmerking komt voor zelfstandigenaftrek en die deze aftrek nog geen 7 jaar heeft genoten, dan wel, in geval hij/zij in het jaar een (gedeelte van een) onderneming overneemt, deze nog niet meer dan veertien jaren heeft genoten. In geval van een overname geldt de faciliteit alleen voor leningen afgesloten in het jaar van overname of zes maanden na de overname. De langere termijn is opgenomen ten behoeve van de overname van een onderneming. De startende ondernemer moet bij de Belastingdienst een beschikking aanvragen. Geldlener en starter moeten een schriftelijke geldleningovereenkomst opstellen en ondertekenen. Deze moet vervolgens binnen vier weken bij de Belastingdienst ter registratie worden aangeboden.
De faciliteit eindigt van rechtswege als de ondernemer niet meer als starter kwalificeert.
Voor de startende BV gelden de volgende eisen:
• de BV mag niet langer dan acht jaren geleden zijn opgericht;
• de bij de BV in dienst zijnde personen moeten gezamenlijk ten minste 1225 uren aan de onderneming besteden;
• de BV mag zich niet bezighouden met passief vermogensbeheer;
• de onderneming van de BV mag in principe geen voortzetting zijn van een (gedeelte van een) onderneming die meer dan acht jaren geleden is gedreven voor rekening van een aandeelhouder
• de lening moet worden aangewend voor de financiering van duurzame activa of voor lopende uitgaven als het geleende geld binnen de onderneming actief wordt aangewend.
Om de aftrekpost wegens verliezen op durfkapitaal te kunnen effectueren, moet de geldgever de schuld kwijtschelden, art. 6.8.
De voorwaarden voor een tante Agaathlening zijn als volgt:
• hoofdsom minimaal € 2.269;
• rente maximaal wettelijke rente (vanaf 1-7-2009 4%), bij een vaste rente te beoordelen op het moment van verstrekking van de lening;
• de lening mag door degene die haar verstrekt niet met geleend geld zijn gefinancierd.
Een modelovereenkomst is verkrijgbaar via de site van de belastingdienst en via onze kantoren.
Willekeurige afschrijving voor startende ondernemers
Ondernemers die recht hebben op de “startersaftrek”, mogen investeringen willekeurig afschrijven. Dit heeft natuurlijk alleen maar zin als er genoeg winst wordt gemaakt. Het is dan ook van belang om goed door te rekenen of gebruikmaking van deze mogelijkheid zinvol is.
Voor deze regeling gelden de volgende voorwaarden:
• U bent een startende ondernemer. Dat ben u als u in de vijf voorafgaande kalenderjaren niet meer dan twee keer zelfstandigenaftrek heeft genoten.
• Bedrijfsmiddelen moeten niet zijn uitgesloten van kleinschaligheidsinvesteringsaftrek, zoals goodwill, personenauto's en bedrijfsmiddelen die voor de verhuur zijn bestemd.
• De investeringen in het kalenderjaar mogen niet meer bedragen dan € 240.000. Over het meerdere is geen willekeurige afschrijving mogelijk.
In verband met de geldende regels kan het voordelig zijn om investeringen over meerdere jaren uit te smeren. Er mag (behoudens enkele uitzonderingen) niet meer worden afgeschreven dan het verschil tussen de kostprijs van de investering en de restwaarde daarvan. De afschrijvingsbeperking voor onroerend goed tot 50% van de WOZ-waarde geldt ook voor de willekeurige afschrijving voor startende ondernemers.
Willekeurige afschrijving is ook mogelijk op zaken die van het privévermogen van de ondernemer naar het ondernemingsvermogen zijn overgebracht.
Willekeurige afschrijving kan niet plaatsvinden bij geruisloze doorschuiving. Uitzondering op deze regel doet zich voor wanneer de overdragende ondernemer startende ondernemer was en nog niet volledig van de faciliteit gebruik heeft gemaakt. Is op een bedrijfsmiddel willekeurig afgeschreven, dan kan voor het deel van de boekwinst dat is ontstaan door de willekeurige afschrijving geen herinvesteringsreserve worden gevormd. Er zijn echter mogelijkheden om dit probleem te ondervangen.
Hoewel niet direct de bedoeling, zijn er zelfs mogelijkheden om over hetzelfde goed twee maal af te schrijven. Het voert echter te ver om in het kader van deze website daarop nader in te gaan. U kunt natuurlijk altijd een afspraak met ons maken voor nadere informatie.
Bijstand voor zelfstandigen
Verschillende soorten ondernemers kunnen in voorkomende gevallen een beroep doen op het Besluit Bijstandverlening zelfstandigen (Bbz). Dit zijn:
• startende ondernemers vanuit bijstand;
• ondernemers in tijdelijke financiële problemen;
• ondernemers > 55 jaar met een niet-levensvatbaar bedrijf;
• ondernemers die hun bedrijf willen beëindigen.
De Bijstandverlening zelfstandigen wordt uitgevoerd door de Gemeentelijke Sociale Dienst.
Het hebben van eigen vermogen staat een Bbz-uitkering niet per definitie in de weg. Als een lening bij een bank mogelijk is, bestaat echter geen recht op bijstand. Als het vermogen € 171.326 (2009) te boven gaat, verstrekt de Sociale Dienst de bijstand op grond van deze regeling als lening. Tot een eigen vermogen van € 40.768 kan de bijstand worden verstrekt als uitkering. Tussen deze beide grenzen kan de Sociale Dienst een uitkering verstrekken. Bedrijfsvermogen wordt voor deze regeling buiten beschouwing gelaten.
Voor zelfstandigen ouder dan 55 jaar geldt een verlaagde vermogensgrens van € 119.929 (2009) Pensioenvermogen telt niet mee tot een bedrag van € 112.792.
Een startende ondernemer kan gedurende maximaal 36 maanden aanspraak maken op aanvullende ondersteuning indien het inkomen uit het eigen bedrijf beneden het bijstandsniveau ligt. De aanvullende uitkering ontvangt de startende ondernemer in eerste instantie als een renteloze lening. Als het inkomen over het voorafgaande jaar bekend is, bepaalt de gemeente aan de hand daarvan of een deel van de lening moet worden terugbetaald.
Aan een startende ondernemer kan de Gemeentelijke Sociale Dienst een bedrijfskapitaal verstrekken van € 32.774 als rentedragende lening.
Ondernemers die niet in hun levensonderhoud kunnen voorzien vanwege tijdelijke inkomensproblemen, kunnen tot 12 maanden een uitkering tot het bijstandsniveau krijgen. De Sociale Dienst kan deze uitkering met maximaal 24 maanden verlengen. In principe bestaat deze uitkering uit een renteloze lening.
Bij niet levensvatbare bedrijven kan de oudere ondernemer tot zijn 65e een aanvulling op zijn inkomen tot bijstandsniveau krijgen onder de volgende voorwaarden:
• de zelfstandige is 55 jaar of ouder;
• minimaal 10 jaar ondernemerschap;
• bruto jaarwinst deze periode gemiddeld € 7.070.
In geval van door economische omstandigheden gedwongen bedrijfsbeëindiging kan de ondernemer tot twaalf maanden een aanvullende uitkering krijgen. Hij moet dan wel minimaal 1225 uur per jaar in het eigen bedrijf werken en geen hulp (meer) krijgen van een bank of een fonds.
De BV meestal niet aantrekkelijk voor starter
Vanwege de faciliteiten voor startende ondernemers geniet het doorgaans de voorkeur eerst enige tijd eenmanszaak of vof te zijn. De gemiddelde starter slaagt er in het eerste jaar doorgaans niet in een zodanig hoge winst te bereiken dat de BV fiscaal gezien aantrekkelijk is. Er kunnen echter ook commerciële motieven een rol spelen die dwingen tot de keuze voor de BV. In deze gevallen kan worden geregeld dat de BV naar buiten toe als de ondernemer optreedt, doch dat de winsten en verliezen voor rekening en risico van de startende ondernemer komen. De BV is dan slechts een administratief verhikel. Het is wel verstandig om dit met de Belastingdienst te regelen. |
"Ik zeg wel eens dat iedereen kan boekhouden. Kwestie van getallen bij elkaar optellen en van elkaar aftrekken. Maar waarom doe je het zo en hoe kan het misschien beter? Maak je optimaal gebruik van kansen en mogelijkheden? In feite faciliteren we het betere ondernemen. Voor veel relaties is dat de basis van een duurzame relatie." |
|